Impact van woorden - deel 2

Eerder schreef ik over de impact van woorden. Deel 2 diende zich vandaag aan. 

Kookclub wordt proefclub

In het blog impact van woorden deel 1 schreef ik over de uitnodiging van een vriendin om mee te doen aan een kookclub. Op het woord kookclub sloeg ik vast. Dat woord legde de lat voor mij veel te hoog! We besloten samen er een proefclub van te maken en ik kreeg er direct zin in. Inmiddels zijn we twee edities verder. Een derde komt eraan in het nieuwe jaar. Vandaag moest ik weer aan het voorval met dit ene woord denken.
 
Sinds begin dit jaar ondersteun ik WeAreHR!, een netwerk van zelfstandig werkende en ervaren HR-professionals – bij het wereldberoemd worden in Nederland. Hoe? Door herrie te maken, zoals zij dat noemen. Dat betekent dat ik hen onder andere help bij het schrijven van blogs. Enkele keren per jaar komt het netwerk bij elkaar voor een zogenaamde WAT-bijeenkomst, We Are Together. Recent beloofde ik bij deze bijeenkomst in november aanwezig te zijn. Maar wat schrok ik toen ik de aankondiging op de agenda zag: Hennie van de Kar bespreekt communicatieplan 2022. 

Communicatieplan wordt communicatieagenda

Het zat ‘m in het woord communicatieplan. Ik sloeg er op vast. Net als bij de kookclub lag de lat veel te hoog. Want ik ben géén communicatieadviseur (en wil dat ook niet worden) maar tekstschrijfster. Ik doe precies wat het woord zegt: ik schrijf teksten. En waar anderen een hoge lat nodig hebben om te presteren, ben ik op mijn best als ik zeker weet dat ik kan waarmaken wat ik beloof. 
Vandaag besprak ik het effect van het woord communicatieplan op mij, met mijn contactpersoon binnen het netwerk, Michel van Manen. Zijn wijze woorden: ‘Als je merkt dat je ergens op vastloopt, is de truc dat je voor jezelf probeert te bedenken waar je wél op aanslaat… 
Als het een simpel woord is, dan kan dat helpen….’ 
 
Hij stelde voor om communicatieplan te wijzigen in communicatieagenda
Ik voelde mezelf direct ontspannen. 
Daar kan ik wat mee. Sterker nog de concept-presentatie voor begin november ligt al klaar. Dankjewel Michel van Manen!